Home Hondengedrag tips & trucs Gedrag & gedragsproblemen

gedrag & gedragsproblemen
Waarom vechten honden
Waarom honden vechten.


De laatste tijd komen er vragen bij ons binnen over honden die nog wel eens met elkaar vechten. Doordat mensen vaak niet begrijpen hoe dit kan of waarom het ineens over kan zijn als de hond ergens anders geplaatst wordt, wil ik hier uitgebreider op in gaan. En proberen uit te leggen wat er in de hond omgaat en hoe wij het beste kunnen reageren.


Honden gaan om verschillende redenen aan het vechten. Het heeft eigenlijk altijd te maken met rangorde. Ook kunnen ziekte (hormonen) en teveel energie een reden zijn.

Zodra jonge honden in de pubertijd komen zullen ze altijd gaan proberen om in de rangorde een plaatsje op te schuiven. Hoe hoger in de roedel hoe beter je leven is. Als hier door de alfa (in ons geval de baasjes) niet tijdig en juist wordt ingegrepen zal de roedel zelf de boel gaan regelen. Vaak zijn wij te laat met het ingrijpen. Een blik van de ene naar de andere hond kan al een reden zijn om te gaan vechten. Meestal realiseren we ons pas wat er gebeurt als de honden reeds aan het vechten zijn. Een onstabiele en/of onrustige omgeving zal dit gedrag alleen maar versterken.


Iedereen is al bekend met het feit dat reuen last kunnen hebben van hun hormonen om een teef te kunnen scoren. De gevechten tussen reuen kunnen heftig zijn, maar zelden met de dood tot gevolg. Teven kunnen wel totaal escaleren. Mensen weten dit vaak niet.

Ook kan schijnzwangerschap (of baarmoederontsteking) een reden zijn voor teven om te gaan vechten. Ze gaan dan hun plek (nest) beschermen tegen indringers. En als de hond ziek is zal het veel sneller zichzelf beschermen dan normaal.

Mijn advies is dan ook om de honden te laten castreren en steriliseren. De honden mogen namelijk niets doen met hun hormonen (dekken/gedekt worden) en dat leidt vaak tot frustratie. Buiten dat voorkomt het ook teelbalkanker en baarmoederkanker.


Een overvloed aan energie kan ook al leiden tot een gevecht. Zodra de hond niet voldoende beweging of training krijgt, wordt het energiepeil van de hond erg hoog. Om de energie (ook wel spanning) kwijt te kunnen raken zal de ene hond de ander gaan uitdagen en dit leidt vaak tot een gevecht.


Het hoger plaatsen van een hond in de roedel omdat het een "favoriet" is ook een reden voor de honden om te gaan vechten. Een hond wordt geboren met een bepaalde rangorde (dit is natuurlijk bepaald). Stel: je hebt 2 honden. De lagere in rang (de "favoriet") zit op schoot bij het baasje (dit is altijd af te raden, maar gebeurt toch vaak wel). De hond kijkt een keer naar de hogere in rang die op de grond moet blijven. De hogere in rang hoort van nature op de hogere plek, hij zal dus de lagere in rang gaan corrigeren omdat deze op een plek zit die niet bij de lagere rang hoort. Ook als de honden samen op schoot zitten, kan het leiden tot vechten, omdat alleen die hogere plek bestemd is voor de hogere in rang.


Wij hebben wel eens honden teruggehad, omdat ze gevochten hebben met andere honden. Er wordt dan gedacht dat de hond niet met andere honden zou kunnen. Dit is niet waar. Als er sprake is van een duidelijke rangorde, de hond voldoende beweging en/of training krijgt en er geen ziekte geconstateerd is leeft de hond het beste in een roedel. We moeten vooral niet vergeten dat de hond een roedeldier is en dat het leven met andere honden/dieren eigenlijk de beste manier van leven voor een hond is. Ook moeten wij goed onderzoeken waardoor de hond geprikkeld wordt om te gaan vechten. Wij proberen dan ook om bij het herplaatsen goed te kijken naar de situatie bij de potentiële adoptanten waarin de hond geplaatst wordt.


De voorwaarden moeten zijn:

de hond gezond is
de hormonen weggenomen en/of onder controle zijn
de roedel stabiel en duidelijk is
rust heerst binnen de roedel
de hond voldoende beweging/training krijgt
de baasje absoluut zonder enige twijfel de alfaleiders zijn!!!!
Op het juiste moment en op de juiste manier door de alfa (baasjes) wordt ingegrepen. (niet van toepassing indien punt 6 100% werkt)
Let goed op de rangorde tussen de honden zelf en zet nooit een hond op een plek waar hij niet hoort.

 
kind en hond
hond_met_kindHoe help ik mijn kind met de hond om te gaan

 

 

Een kind tot een jaar of 12 staat op een natuurlijke manier altijd lager in rang bij een (volwassen) hond dan oudere kinderen en volwassenen.
U als hoger in rang zal er dan ook zorg voor moeten dragen dat u de hond ten aller tijde onder het kind plaats.
Hieronder dan ook een paar tips/regeltjes om de omgang tussen kind en hond in goede banen te leiden.

 

 

  1. Laat uw kind nooit alleen met de hond. Ongewild kan het door een communicatiestoornis tot een bijtincident lijden. Dit doordat bijvoorbeeld uw kind met de hond wil spelen en de hond niet snapt wat de bedoeling is, of schrikt van een plotselinge beweging.
  2. Geef de hond een eigen plek in huis, waar het ‘veilig' is en niet gestoord wordt. En leer uw kind aan dat hij/zij bij die plek weg blijft.
  3. Een hond zal proberen boven het kind te staan door bijvoorbeeld rijgedrag te vertonen. Dit vaak als het kind op de grond aan het spelen is of kruipt. De hond ziet het kind dan als mindere, doordat het ‘laag' gaat. Laat uw kind meteen gaan staan (als het al kan staan) en corrigeer de hond met het commando FOEI (commando's altijd laten volgen op de naam van de hond ......... bijvoorbeeld Bello, FOEI!!!). Is uw kind nog te klein om te gaan staan, of ondanks dat het kind zich ‘groot' maakt de hond nog steeds dominant gedrag vertoont, corrigeer hem dan door samen met het commando de hond in zijn nekvel te pakken en hem terug te plaatsen.
  4. Laat uw kind geen trekspelletjes (met bijv. een flostouw)met de hond spelen tenzij u zeker weet dat het kind dit wint (een heel klein hondje)......de winnaar is namelijk de baas.
  5. Accepteer het niet van de hond dat hij uw kind de weg verspert. Ook dan zal hij het gevoel hebben uw kind de baas te zijn.

Ook zijn er verschillende situaties waarin mens en dier elkaar gewoon niet begrijpen doordat we beiden een andere taal spreken.
En omdat je een hond niet kan leren de mensentaal te spreken, zullen wij moeten leren de hondentaal te begrijpen.
Voorbeelden hiervan zijn:


  • Uw kind vind het allemaal een beetje eng en heel voorzichtig aait het de hond overhands (over de kop richting rug). De hond snapt niet dat het voorzichtigheid is, maar ziet dit als een ‘dominantieverklaring' (alleen hogere in rang mogen dit ongestraft doen) en zal zijn snuit omhoog doen en de kans bestaat dat de hond zelfs hapt (uit verdediging). Dit kunt u voorkomen door uw kind te leren om de hond aan de zijkant onder het oor te laten aaien. Veelal vinden honden dat ook erg prettig.
  • Een hele normale reactie bij angst is de handen omhoog te doen als de hond toenadering zoekt. De hond zal denken dat er misschien iets lekkers in die hand zit en komt omhoog, waardoor uw kind misschien nog angstiger wordt of omvalt met het gevolg dat de hond dan weer ziet dat uw kind zich ‘klein; maakt en daar weer dominant op reageert, waardoor uw kind nog weer angstiger wordt. Leer uw kind dus de handen laag te houden. De hond zal dan alleen snuffelen en zijn aandacht snel op iets anders richten.
  • Uw kind is smoorverliefd op de hond en wil hem een dikke knuffel geven door hem om zijn nek te hangen. De hond ziet dit echter als een bedreiging, want hij wordt alleen door een meerdere zo in de houtgreep genomen om gestraft te worden. Een beet in het gezicht zou geen uitzondering zijn.
  • Laat om dezelfde reden uw kind ook niet over de hond heen buigen.
  • Als uw kind de hond wil aaien, laat hij/zij dan altijd de hond aan de voorkant naderen. Een hond die onverwachts van achteren aangeraakt wordt, kan schrikken. Met alle gevolgen van dien.
  • Renspelletjes.......het lijkt zo leuk........alleen is de intentie tussen mens en hond anders. Voor ons is het net of de hond gezellig mee rent en speelt, maar niks is minder waar. De hond raakt ervan in de war en zal het proberen te stoppen. Dit vaak door achter het kind aan te rennen en ertegen aan te springen, waardoor uw kind op de grond valt en .......enz. Of de hond wil het stoppen door te happen naar bijvoorbeeld de benen of armen. Probeer dus te voorkomen dat de hond bij rennende en spelende kinderen is, of leid de hond af door zelf spelletjes met hem te doen.

Het lijkt misschien allemaal veel en ingewikkeld, maar in een paar dagen is dit allemaal automatisme voor u en u voorkomt hierdoor een hoop leed, wat weer bijdraagt aan een gezelliger samenleving met uw nieuwe trouwe viervoeter in uw gezin.

 
IK BEN DE BAAS

hondje_zitEnkele natuurlijke gedragsregels voor u naar uw hond om de rangorde te bepalen


Rangorde bevestigende handelingen

  • De baas eet voor de hond. Als de hond rond dezelfde tijd zijn eten krijgt als het gezin, zorg er dan altijd voor dat de hond na het gezin eet. De hond is immers lager in rang dan de baas en eet daardoor ook later, de ranghogere eet altijd eerder! Dit kan je ook doen door de bak van de hond te vullen met eten, dan in het bijzijn van de hond zelf boven zijn bak een koekje of een cracker te eten en daarna de bak aan de hond te geven. Laat de hond eerst zitten voor u zijn bak neerzet en geef hem daarna bijvoorbeeld het commando "pak maar". Dit voorkomt dat hij de bak uit uw handen springt en bevestigd uw rang van meerdere. (de ranglagere eet pas wanneer de ranghogere dat toestaat)

  • De hond ligt niet op de bank en slaapt niet in bed. De ranghogere heeft altijd de beschikking over de beste en de hoogste plaatsen; de bank en het bed dus. Hij accepteert daar geen ranglagere roedelgenoten.

  • De baas bepaalt wanneer, wat en hoe lang er gespeelt wordt en wint het spel. Spel is een risico arme vorm van agressie; wat voor de baas leuk is heeft voor de hond altijd bijbedoelingen. Het is daarom belangrijk om als baas tijdens het spel letterlijk de touwtjes in handen te houden en altijd het spel en het speeltje te winnen.

  • De baas gaat altijd eerder door een deur dan de hond. De ranghogere gaat altijd voor de ranglagere, zeker door nauwe doorgangen zoals deuren. Leer uw hond daarom een wacht commando aan; hij moet wachten totdat de baas hem voor is gegaan.

  • De hond gaat altijd opzij voor de baas. De ranghogere heeft altijd het recht van doorgang, dus als de hond in de weg ligt moet hij plaatsmaken voor de baas, de ranglagere maakt altijd plaats voor de ranghogere.

  • De baas bepaalt altijd de route tijdens het wandelen. De ranghoogste (de dominante) bepaalt altijd de route, de ranglagere gaan met de ranghogere mee. De hond volgt dus altijd de baas en bepaalt zelf geen route.

  • De hond krijgt niets voor niets. De ranghogere heeft altijd de macht over het voedsel; hij bepaalt wanneer de ranglagere iets mogen hebben. De hond krijgt van ons (de roedelleider) nooit voedsel (koekjes etc) zonder dat hij daar iets voor gedaan heeft (zitten, liggen, pootje geven etc). Hierdoor bevestigen wij voor de hond onze macht over het voer.

  • De hond moet ieder gegeven commando opvolgen. De ranglagere gehoorzamen altijd aan de ranghogere. Als u ziet dat de hond een commando wat u wilt gaan geven (bijv. het hier komen) niet gaat opvolgen (omdat hij met andere honden aan het spelen is) geef het commando dan niet. Ga de hond halen en oefen later, aan de lijn terwijl u de hond onder controle heeft, het commando nogmaals. Zorg er altijd voor dat u tijdens het geven van commando's controle over de hond houdt zodat hij niet onder commando's uit kan komen.

  • De baas bepaalt wanneer de hond aandacht krijgt. De ranghogere mag zelf beslissen of hij aandacht wil geven aan een ranglagere als die daarom vraagt. Het dus niet erg om uw hond te aaien als hij daarom komt vragen, maar stuur hem af en toe ook weg. De ranghogere heeft het recht om aandacht geven wanneer hij daar zin in heeft en om de ranglagere weg te sturen als hij geen zin heeft.

  • De roedelleider gaat niet naar de ranglageren toe, tenzij het is om deze terecht te wijzen. Dus wilt u iets van uw hond, roep hem naar u toe. Als hij komt is hij uiteraard de liefste hond van de wereld! Komt hij niet, loop dan rustig op hem af, maar doe alsof u langs hem heen wilt. Pak hem bij zijn halsband en neem hem rustig mee naar de plaats waar u hem wilde hebben. Jaag niet achter hem aan, maar draai u om en loop de kamer uit als het niet lukt. De hond vindt het het ergst als hij genegeerd wordt!

  • Bij binnenkomst (bv na het werk) bent u belangrijk.
    U negeert de hond in eerste instantie en begroet eerst uw eventuele gezinsleden (zij zijn ranghoger!), daarna roept u de hond bij u en u begroet hem.

  • Ben altijd consequent, als de hond de ene dag mag trekken aan de lijn omdat de baas in een goede bui is en de volgende dag wordt hij bruut gecorrigeerd voor trekken aan de lijn omdat de baas zelf niet vrolijk is, dan is dit voor een hond niet te begrijpen. Als u gedrag wilt corrigeren, moet u dit consequent doen; (met corrigeren wordt geen straffen bedoeld, Probeer daarom ongewenst gedrag zoveel mogelijk te negeren en gewenst gedrag te belonen.)
    Handelingen die je als baas beter niet kunt uitvoeren zonder advies en/of toezicht van een trainer of gedragstherapeut;
    *je hand plat over de snuit van de hond leggen en lichte druk uitoefenen
    *speeltjes afpakken
    *voerbak wegnemen


Deze regels kunnen u helpen bij een zo prettig mogelijke omgang met uw hond.
Het is echter raadzaam om bij ernstige of blijvende gedragsproblemen contact op te nemen met een gedragsdeskundige!!!

 


Joomla! is Free Software released under the GNU/GPL License.